Demolition Derby Daydreams

July 24th, 2008




Het is niet waar maar het burlt goed

July 23rd, 2008

de tsjilpende tentharing sluipt

in een poging tot brullen en baltsen

marlies heet anders maar heeft daarvoor geen tijd

 

er is een slalom besteld

rond het wakkere gras

hoeveel monkelende maagden

slurpen stiekem nu hun luizen

pal voor de deur

of in dienstuur of outfit

 

dat is het woord

je wacht tot het ophoudt

daar is het om te doen

en de stadswacht verschijnt

 

(in zijn habijt zijn kijkdoos zijn potlood)

 

 

gered word je niet

dan door haar lach

zij heeft daarom verzocht




Nee zo niet al is het waar

July 22nd, 2008

de gouden machine nadert

z’n zingende maan

zij heeft daarom verzocht

 

op een bedje van vuur

wordt nu dan bekokstoofd

hoeveel magere maanden

te gammel gegooid

voor zomaar zonlicht

en zalvende zeden

 

je staat ermee op

in aanpalend water

tot dat verdampt

en het universum verschijnt

 

(in zijn habitat als minkukel rebus)

 

 

gered word je niet

dan door haar lach

zij heeft daarom verzocht




Homage Kurt Schwitters

July 21st, 2008




July 21st, 2008



Begin zonder einde van mijn obscure bestaan

July 18th, 2008

‘Il m’arrive trop souvent d’être impliqué dans des procès”

Henri Michaux  - Mon Roi (La Nuit Remue)

“Onbegonnen werk”, zegt ze. ” Als er een paradijs verloren is gegaan,  moet het daarvoor zijn geweest, voor we erin konden,  maar ik kan niet eens beginnen, dus wat bazel je van iets daarvóór?”

“Als er een paradijs verloren is gegaan, hebben we het waarschijnlijk al terug vóór ik begonnen ben. Bah, gooi dat  ook maar weer  in de prullenmand. ”

“& Zet de fik erin. We leven maar één keer,  we moeten alles zien gebeuren. Vooral het vernietigen.”

“Ik heb een koning nodig, een centraal gezag dat mij zegt: begin nu maar, je bent een brave meid maar nu, nu moet je toch wat, het is tijd. Ik heb er één maar die zit midden in de nacht, als ik al begonnen ben, en niet kan slapen, dan zie ik hem en dan kan ik hem horen zijn koninklijke bevelen verspreiden, mij de levieten lezen. Ik word er woest van, ik kan hem wel,  het is net echt,  maar ik ben er niet, nee,  dat kan niet,  want dat beginnen, daar komt gewoon geen einde aan.”

“Ja, en ik heb ook een koningin voor mijn koning. Kijk daar loopt ze, ze heeft een kartonnen kaartje vast met daarop mijn naam, heel haar gezicht is naar mij vertekend, zij weet het, ik zie het en iedereen weet het, maar we kunnen maar niet beginnen. De tijd loopt ons in dikke vlokken uit de handen, de verloren tijd gutst uit de vingers waarvan de nagels in onze rottende lijven zijn blijven steken, we verwaaien, het regent alle letters van de eindeloos kronkelende lust maar de druppels vallen door ons, ze plakken onze inzakkende asse pardoes op de grond.”

“We branden op zonder dat we ooit begonnen zijn.”

“We resten als zwarte vlekken in het zwart van de zwarte nacht. Ik had de koning nodig die ik vast ging maken maar het beginsel van de  koning was al afgestorven vooraleer ik kon beginnen, laat staan dat ik hem in de eindeloze nacht kon kronen. ”

“We spoelen weg.”

“Ach koning, dit begin duurt. & Duurt.”

“Het is onbegonnen werk. Kom draai je om, ik zal je troosten met de helende kennis der falende goden, de zalvende woorden die de oude scripto-reptielen angstvallig noteerden in de annalen van Nobolvlada, de verdoemde stad van de hitsige letterbezweerders, als zij ergens een ogenblik verpozing vonden van de meedogenloze jacht der Nobolvladaanse machthebbers op hun magere maar fijnzinnig krokante lijfjes.”

Zo spreekt zij, met lange pauzes ertussen. Afwisselend ironisch-opgewekt, gelaten of gewoon wanhopig.
En ondertussen schuift mijn hand dieper in de nacht.

Het vel komt los, de nagels suizen geruisloos naar een nog zwartere diepte.

Ik mond uit in stof, waar zij te spreken staat.
Midden in de klacht van haar verhaal komt mijn adem los van de woorden.
Daar, dan, daar begin ik weer, daar walmt het begin zonder einde van mijn obscure bestaan.




PK-LP updated and re-styled

July 18th, 2008

Voilà, nous espérons que ça vous plait if not complain and/or have a go at it yerself.

  • POETRY KESSEL-LO POEZIE is now fully up to date with the latest Wordpress release
  • most of the troublesome awkwardness in the administration section (the area were our contributors try to work things out for you) has disappeared,
  • i’ve taken the liberty of throwing the old non-design away and replacing it with something that looks like design, tastes like fried chicken and is garantueed to scare potential funders away,
  • so,  in  a rühe of sorts, we can all start attempting to shake some real summer heat into these nowadays rather gloomy parts, getting ready for the KLEBNIKOV CARNAVAL in august here, par example par bleu

The Carnaval we’re holding is rather modest, in its first year.

We’ll be very happy if we can have a continuous exposition artworks, video and visual poetry as well as some emerging, erupting or otherwise surfacing expressions of lyrical impact among the visitors to what is mainly intended as an informal and festive gathering, a celebration of a-commercial creativity and an opportunity to let the kids have a good time while the adults can meet, discuss, or merely enjoy the inspiring surroundings, all happening  right here at the Center of the Known Universe, Kessel-Lo!

Still during the 8 days it will last,  we are already sure to be  welcoming, besides your favourite nutcase,  some of the finest authors and performers who promise to get active into whatever drives them at least once during the Carnaval. Others are still in doubt unsure about what the heck this thing will be, anyway:

Here’s a growing list of people joining us in some way
either by contributing things or by performing or by just being there @ the
KLEBNIKOV CARNAVAL  First Edition, August 17-24 2008.
Mind you, the thing is open and rather uncontrolled, so the list is by no means expletive..

Hier een groeiende lijst van mensen die op één of andere manier meedoen aan het KLEBNIKOV CARNAVAL.
De lijst poogt actueel en volledig te zijn maar slaagt daar hoegenaamd niet in.

Send contributions to
email:

dv@vilt.net


regular mail:

Dirk Vekemans
Elfnovemberlaan 52
3010 Kessel-Lo
Belgium

Want to perform/play/dance/whatever:

BE THERE BEFORE IT’S OVER!

d.




Though few survived

July 18th, 2008

blauwput-as-it-was-and-will-be-again.JPG

 

they endured




2 españoles hablando sobre esos días

July 17th, 2008

2 españoles hablando sobre esos días

 

2 spaniards talking about those days in Blauwput (before Pablo left, even)

dv, A4, collage, inkt & Marie’s Water Colours, Barcelona 2008




For we know

July 17th, 2008

the grammar of the future

the-grammar-of-the-future.JPG




Blauwput in those days

July 17th, 2008

when you could still have a shave while smoking

blauwput_thumbnail.jpg




3 foto’s

July 16th, 2008

kessello2.jpg

 

kessello3.jpg

 

 kessello.jpg




Herrschaft

July 16th, 2008

Herrschaft

Photogravure of paper and clay works by Judith V. - A. Andreas July 2008

Herrschaft ist sozialwissenschaftlich nach dem deutschen Soziologen Max Weber wie folgt definiert: “Herrschaft soll heißen die Chance, für einen Befehl bestimmten Inhalts bei angebbaren Personen Gehorsam zu finden“. Im Unterschied zu seiner Definition der Macht (die er als soziologisch amorph, also formlos bezeichnet) setzt Herrschaft ein bestimmtes Maß an Dauerhaftigkeit voraus; sie ist eine institutionalisierte Form von Über- und Unterordnung (Subordination), die jedoch keinerlei hierarchische Strukturen voraussetzt.

bron:http://de.wikipedia.org/wiki/Herrschaft




Corridor aux hommes URInoirs

July 16th, 2008

Grand Corridor aux Hommes URInoirs

Schets voor een dubbele video-projectie muur met twee hommes URInoirs.

(geschatte kostprijs: 35.000 euro)

  • De vloer is een vrij steil stijgende glasplaat, je moet je vasthouden aan de hommes om boven, uit de corridor te raken. Men kan overwegen om de glasplaat ook bovenop regelmatig te bevochtigen, zodat er onderaan op de treden een smeerboeltje ontstaat
  • De poppen zijn glibberig en stinken naar zweet(pis). Ze urineren voortdurend een rode vloeistof in de urinoirs waaraan ze onlosmakelijk verbonden zijn.
  • Op de video een loop  van stijgende lijnen zodat je de indruk krijgt neer te vallen tussen de twee muren.
  • Bovenaan langs beide videomuren loopt een rij luidsprekertjes verborgen in een zwarte band, met daardoor iets eentonig van Scelsi en, ter hoogte van de hommes, plasgeluiden.
  • Onder de vloer loopt water met zichtbaar daarin de stralen van de hommes (rood)
  • Onderaan (ingang) wordt het water dat onder de glasplaat loopt  gefilterd en terug naar boven gepompt. Het geluid van de pomp mag hoorbaar zijn.

Extra optie (interactiviteit):

  • de poppen kunnen uitgerust worden met sensoren zodat ze beginnen kreunen als iemand ze vastpakt



Woensdag

July 13th, 2008

Elke stem is mest
voor de invallende stilte

dv

 

 

treurgrijns spreekt mij zon maar zwijgt 

doof in taktaktakkentaal

idee: streepjescode voor pijngrens

 

en douane

 

de ploegendienst is eenvouds verlicht

nergens een borst of een grijpvrije vlakte

 

en als het emmeren de maan begint

doet alles de ronde

zuigling dode

 

stamgast palmbewoner

vleesman fruitaap

druifpers hemel

 

aardafweergeschut

drebbeldribbel in alkmaars woestijn

o brussels babel

zing zing mee mijn bibelebontse babbel

 

braken doet men op de knie

tenzij ik niets zie




tree

July 13th, 2008

sagradaboom.jpg

 

Tree (in front of the Sagrada Familia)




Remorse

July 10th, 2008

Radeloosheid is niet mijn deel, toch ben ik zoekende en gebrand op
een helpende stem,
die mij komt toespreken in het geketende moment, de stapel blokken
omgegooid door een rake klap
van kinderhanden in hun onstuimig avontuur met de reikende kracht van de
nabije dingen, verstaat
meer van de werkelijkheid dan mijn hart vol en bezwaard dat het geheim
wil winnen, een deel uit delen.
maar het aanzwengelen der verheven momenten ontaard in de modderen van
de des doods alras droog en
verlangens breken in korsten aan de grens waartussen heden en verledens
een volheid afwerpen die
de bezinning niet verduurt waarnaar het zelf, de ziel gevoerd wil
worden, de furie vind een sterfbed voor haar
verzwakte zinnen, gelatenheid dringt haar ogen binnen, en zij ontziet en
vergeet zichzelve net als de kracht
die tijd spleet met de flux van eeuwig uitroepen dat vergelding wordt
tot het licht, de vlam,  waarin het aanzicht
van de eeuwige, haar doet verheffen tot haar ongekende zelf, vervat de
drift tot vloeken, haar valsheid het woord.

Oh, mijn meester en minnaar, laat mijn vleugels bewogen worden met Uw
ogen,
want de kolk heeft mij gevoerd, heftig trokken haar spiralen mij naar
het wrak, mijn ik, lichaam aan lichaam met de archont, als verdoofd door zijn behaarde
spreuken, met splinters
van hoop gekuisd sloten mijn lichaamcellen ieder afzonderlijk zich af
van de levende traan
die ontviel aan het oog,  bewaarplek van het eeuwige,  voor de
fragiele  inzittende van het het moment.

Besnijdenis en doop uitgevoerd op de stelen van mijn gedachten, de knik
van Paracelsus, waarop ik lach
met bewierde hersenbreuk naar de oppervlakte kom drijven, voor het licht
ontkleed, beleden bekoord…

Judith V. 8 Julki 2008




Summeris Com Ing

July 5th, 2008

SICI

Graffiti @ Wii, AA July 2008




Kesselse Retro

July 3rd, 2008

werk van Arnoud Camerlinckx

 

 




Foto

June 28th, 2008

Kop van Kessel-Lo

 

Kessel-Lo 25/06/2008




turbo suRRism_

June 26th, 2008

A new version of WordPress is available! Please notify the site administrator.




hpl and friends walking down the vault

June 22nd, 2008




rijm als in rijp , bevroren dauw

June 21st, 2008

Slaap komt,  met een barheid van latente zeden, het doet
oude herinneringen openbarsten, versuft is de onzin in de groeven
der schedel, ontbraken aan de wereld nog de ademvesten van vrije troeven

grootse delen slaan  om de geurloze kilte waardoor het meisje roept

de roep om de hemel is het wachtwoord van de verre spinvrouw,
gelijk met de aarde is de schaduw  als ze bungelende armen vouwt
en de eerste waardige schrede in de angstige dier schamende hielen
licht,
zeef het meel, tot het fijne getroffen, dan zal  het besef zijn
beslapen, blakend gezicht

de kroniek van het begin en einde herbergen in het gehoor,  zie het
fluisterend
door een koude haag van kwellingen naar de lichtste rimpeling tot
oppervlaktes togen
want dat werd verloren wat de eerste blik zag, neemt nu toe, wordt in
een orde gebogen
het meisje dat een pink aangroeide, lag  in vredig ogenblik het
snoepen verduisterd

De spin klimt omhoog langs de naaf, de stang der begeerte
jaagt de dood op en neer gaat het met geweld, als een wilde
die de druiven stampt de onwelriekende schamperende vilder
De spin keert terug  van de stam tot de wortel,  wier liefde ontbeerde

…alle enkelingen zijn gezworven over de levende klomp, de vervleziging

slaat,  een voor een,  met vervoering  door zijn vergankelijke bloem
vochten voor de pijn hun gesels, de verhalende stomp, ter beziging




Mutter Dole O Rosa

June 20th, 2008

(for  Judith V. , an attempt)
 

A stone it is that comes whirling

on my head while my body

is below, down, footsteps, earth

while chiming voices say stone speak death


 

It’s pain motherly

what d’you expect

all of us with all of us

do, possessing life as death

Split’s my voice by longing

dancer in the rye

white light on white flanks

galloping away in sweetness rude remorse

This abyss I worship, behold

the teeming lee where

suffering sleeps and snores

knowledge as a pillow

appearance with no memory

Take me, take me to the altar, for I’m bleeding tears

take away all hope, for I take the shroud for veil

Take me, take me to the father, he who’s crowned with

the stone that burns from within, take the steadiness

of all my body, the yearning train

Take me, and I’ll drag the void to the crawling dark

for the dead breath their spirit endlessly, their shapes

know how to rank the lines, are attached and eloquent

This living thing in me is speakable, just

to the point where I originate, the stone’s habitat

the light, father of light, pulverize the light, time petrified

What’s my vocation, Mud, shouldn’t it be to walk

between You and the Father, like being welcomed by the wind

crowned with icons, blessings, to be queen?

No, suffering is my throne, venom my speech, exhaustion equals sleep

I hurry to the old books, one of them should endorse my heart

with long forgotten counselling, lend me threads of “Sin-g”

The rhythm reaches the unexperienced ear –

sounds as touchstone, black as black

just black




Skjold nav een (inter)nationaal telefoongesprek

June 20th, 2008

Laat u die woorden niet uit uwen web slempen druipen gij vijlsnaar

Gij vuulspuwer met uwen frup stern

Slaat uw web stets foch north do keistig

Gij plomtet met uwen web grove grijnzen




Antwerpen as seen from the Linkeroever

June 19th, 2008

Ze schrijft zichzelf met hoofdletters

hier onzichtbaar aan de oever met amfibihuidige amfibieën

geen stadswaardige machine geen stad geen vitrine

is haar te machtig

niets is haar oogopslag de baas


 

zo wandelt zij langs de kaai

van het uitgestorven rovershol


 

overweegt

een nieuwe retroversie van

het werpen van een hand


 

eenvouds blanke wapens wateren

en walmen ieder aura naar

haar godlijke ratsmodee


 

gniffelend snift zij haar borsten

in de ijzeren grap van

haar onmetelijk

decolleté




“Zing-g”

June 19th, 2008

Iemand duwt mij neer met een steen,
zonder te slaan maar puntig op de kruin,
beneden mijn lichaam waar de grond is,
mij na mij  draaien op de punt van mijn hoofd
de klokkende stemmen in de steen, de dood

de pijn komt, zodra ik hem verwacht
als een moeder, die haar kind straft
omdat ik haar ziel aanriep, beacht
ik het leven, dat ik in bezit wil nemen,

Mijn stem splijt van verlangen,
danst uitgestoken rond in het koren
waarhet licht valt op de witte flanken
die spijt tot zoete adem rent

Oh, grote vereerde diepte,  in de ziel
aanschouw ik de welige luwte waar
het lijden zwaar rust op haar bedden,
verbloemd met de kennis als een peluw
verschijningen die geen herinnering hebben.

Breng mij voor het altaar, want ik bloed tranen,
Of neem mij af alle hoop want ik houd de wade  voor sluier,
Huw mij, voer mij naar de vader met de steen tot kroon
die het innerlijk vuur heeft opgezonden en de bezonnenheid
van heel mijn lichaam achter zich trek, de sleep
Neem mij op, ik sleur de leegte naar de kruipdeuren van het donker,
de geest der doden heeft  van mij reeds vele gestalten,
genoeg om zich in de linie te begeven, gehecht en bespraakt
Het levende in mij is enkel noembaar, niet dan het
punt waaronder ik vandaan kom waar de steen verblijft,
het licht, Vader van het licht, vergruis het licht, de stenen tijd.

Waarvoor ben ik bestemd, Moeder, is het niet om tussen
U te lopen en de Vader, als ontvangen door de wind
met het beeld der zegeningen tot troon,

Pijn is mijn troon, gif mijn spraak, mijn slaap een uitputting
met snelheid zoek ik de oude boeken, een dezer moet mijn hart
reiken wat het in vergetenheden, beveelt, draden van “Zin-g”
Het ritme in het oor verklinkt de toetssteen,  zij is Zwart




Oud water

June 18th, 2008

Russische onderzoekers hebben, volgens een bericht van Radio Moskou, een druppel water gevonden waarvan ze de leeftijd schatten op 50 miljoen jaar oud. Ze hopen dat bestudering van het water gegevens zal opleveren over vroeger. De druppel is bewaard gebleven in een rotskristal, dat door geologen werd gevonden in het Pamir-gebergte in Centraal-Azië.

De leeftijd van de druppel is afgeleid uit een ouderdomsbepaling van het kristal.

krantenbericht, ± 22,3 jaar oud, krant onbekend, mogelijk de Volkskrant




Zwart

June 14th, 2008




Paralysis

June 10th, 2008

 Verlam de mond waarmee ik woorden spreek die de ruimte bekeren
maar het hart niet raken in het vergen van grootspraak de slinger van
ijdelheid eren.

Laat het lichaam verschrompelen , de romp is mij een last te leven
met zwaar de trog
van buik en darmen, lever waarop het veeleisende streven  bevat het
broze verlangen wast in bedrog

Laat de vervolmakende golven neerstorten in de tegenstellingen van
geest,  zwakke leugens
die monter  in het  bijstere zwart van   de schikking der seconden
peuzelt met hoge reuzen,

De huid is een zak om mij heen waaronder ik verstrak van schrik hoog
opgeknoopt met inbeelding
het meesterschap afgesmeekt door bladerend tussen de woorden, een zuiver
begin te  verroeren

De tijd drijft angstig voort, de brede heupen splijten oergevoel van
uitdrijving
het versteende kind pijnigt de huid tussen bogen van aarzeliing de
strengen gespannen
vast aan het oordeel, aan  halen  gesnikte handelingen, sneuvelend aan
de voeten het hoofd,
het indalen van de vleesberg, tevreden in de ophang vergetende botten ,
de toeval beleeft de glorie,

strijken zachte messen de schil van vlees, tot de pit van het beginsel,

met  krenkingen ontzielde lichaam aan stukken vastgeroest in de mantra,

versteviging gaat vooraf aan de zelfzucht,  licht van de vruchtwater,
buigt en stort
tot de put de inhoud wordt,  weggalmt in  voortekenen van ongemeten
grenzen
bleke  ogen  zoeken toevlucht in eindeloze tekening, lijnen vol
liefelijkheden,
gelegd in het hart, de bloesem der waarheid in een enkel ogenblik,
misbaar

Niets zal ik meer nemen, maar neem mij nu nadert Cassandra, gloeit zij
met het toenemen der rust, van het kijken wenend, de loten zingen,
vanuit haarzelf beleden,

de aar der stilte, dat geweld van willen, dat de wetende niet
storen wil.




Scenes from THE CINEMA OF CATHARSIS

June 9th, 2008

the-cinema-of-catharsis-012.jpg

the-cinema-of-catharsis-021.jpg

the-cinema-of-catharsis-055.jpg




Woordwolk/Woordwolf

June 8th, 2008

Woordveld gegenereert uit de inhoud van de weblog. Zonder restricties.




Vooral kalm blijven (ook in algemeen erkende uithoeken)

June 4th, 2008

dit timide snaveldier legt jaarlijks

afstanden af van veelzeggend kleurkrijt

en mijdt de fatale loop

van de mandarijnentelescoop

nooit wordt gefluisterd of gefloten

met steen in de aanslag of ei of

het lijk van het gelijk

de wind lijkt zich meewarig af te vragen

vanwaar het hortend papier krimpt bij de onzuivere oogopslag of barre aanblik van wat voortkruipt van onder de glimmende pet

net opgezet en alweer bijna bedompt van het sleetse schieten en schorem dat scheelkijkt

de magere macht van een muur of vier
met uitzicht op uniform

zelden zo’n tranende tronie gezien als van de emmerende ornitholoog die een vogelbek

steevast voor gevaarlijk houdt

brieven onder nummer naar land van herkomst

dan zingt men een lied

en bespot aldus

de kakelende knoet




Moeder

May 31st, 2008

 

Moeder ben ik & een kind met het steenvocht
middelpuntvliegend van het hart waar bonkt & beukt
de grote verguizer rechtopstaande van het ik
& waar ik bloedend de gaten betast van de verlossing.

O Moeder o sterren van Uw ogen
o schittering wit waar wij U vinden zouden
& waar wij U geven konden ware het niet
wat wij geven wilden & vonden
de dorre slaap was aan stervenden
& de wake aan het ziedende leven.

O Moeder uit mijn lichaam sissende suist
de stoom van de angst, mijn ogen verbeelden mij
schimmen, het struinen van geesten
in het schuim van de zee terwijl stervende
toch voel ik mij lenig te trillen staan & lillend
schudt ik mij de veren de wijzers de schubben
& de woorden waarin ik schuilde voor U.

Murmelende borrelt in tunnels uit de helm
van de stilte die nog omknelt de kinderschedel
de gladde stralen der strijdzuchtige gezangen
& ontbranden hun giften aan gloeiende kolen
van haat in de ogen.

Op het verstapelde gebladerte rusten nog
de naamloze resten der misgunden:
als kralen rijg ik de okeren tekens
van schande aan het snoer van mijn zang.

In de wind boven de stortrots
krijt de kalk zich stemloos uit de lijnen der beloften
& in de ogen der blinden strooit zich de pijn van hun stof.

O Moeder splijt ons helder de weerbarstige lippen, fluister
ons zuiver de uitkermende verte, laat ons
uw onmetelijkheid in stilte geworden
opdat ons afvallen zouden als bevroren vruchten
de zwarte pukkels van de haat, geef ons heden
de kracht in uw heengaan te verdwalen
zoals u verdwaalt in de troosteloze
labyrinten van onze kurkdroge zielen.

dv, vrij naar een tekst van Judith V.




Trailing - The Frontline Princess

May 30th, 2008

De moeder ben ik en het kind ben ik, aan het gewicht dat
mijn middelpunt vormt, de steen in mijn hart, de grote vergruizer van
het
rechtop staan uit trots, de gaten van het ik , verlaten,
Ode aan de grote moeder , de ster van haar ogen
in de mijnen schittert wit, zou een vindplaats zijn ware het niet dat
zij de slaap van de stervende geven en mij verblind ,
Oh moeder breng mij heen waar ik mijn ogen zich openen en
het licht van het weten mijn ziel vindt, mijn lichaam is een systeem van
de angst,
waarvoor ik uitingen vind die met het bidden vormen evenaart die
het leven zelf laat zien in de volheid van haar kracht,
de schim die ik schep maakt mij bleek, als het schuim van de zee.
stervende voel ik mij nu ik mijn hart lenig, een trillende danseres
wier uitbeelding naar binnen ging en het uithoudingsvermogen tartte
zodat zij lijkt op een tuimelaar die wijzerplaat afbreekt van haar
planeet
gedwongen opverend uit haar vrije val naar het eeuwig licht.

Een blik uit het duister neemt mij op, een helm van stilte omvat de
schedel
van het dode kind, verdroogd zijn de ogen, onweerlegbaar is is het woord
dat voortfluisterd
door tunnels, glad, als de tijd , voorbeschikt om wat uit het gevecht
aan eer en overwinning opgerichte kracht te verbeelden bleef te
ontbranden

Duizend kinderen beween ik en de rest krijgt een verstapeld gebladerte
om verstikking de vinden voor het onthaal dat hen misgund werd door de
de moeder, naast mij de moeder die kralen rijgt aan haar felbegeerde
snoer,
dat gouden kerkkamers schept voor wie de dag aanbreekt van jong
smachtend
het uitkermend tot in de gespreide verte, de belofte zich uitkrijt,
Oh moeder, ik hang aan Uw lippen en fluister in de schelp van uw uren
kostbaarder dan de tijd die mij hier blijft, iedere keer dat ik
bloemen breng
naar de poort, U mij laat leven, U wacht in het lichtzuiver vereeuwigd,
Onmetelijke moeder, neem mijn verpulverd woord tot poeder voor de
gezichten
die onuitsprekelijk in mijn verbeelding bloeien en mij doen sterven,
omdat zij voor mijn ogen het koord los gooien, de diepte van hun pijn
fonkelt, gelijk besproeit ongelijk zwarte stelen waaraan vruchten
afvallig.

Heel bewust te verdwalen,.




en ja ik talm en ik zwalk

May 27th, 2008

langs uw haver en grot

pardonneer ‘t wat ruw gepolitoerd personeel

het van dimme en veinster gespeende grut

varkens van vet vol van veel

uitspansel wellust en drab

maar zie ik spin een geheel naar lijm ruikend lied

vers van vel als uw wellustige darm en krokant

het alhambra van telraam en teelbal

het is maar het zwijgen

het is slechts het zingen

van een deur op een kier

een enkele deur die maar duurt (en ik zwijg en ik zing)

het verdwijnende ding een strook en een streek

vuil als het zuivere zangstuk zo onbesmuikt

onnozel als onvolledig

zich stuk vaart op de kartelige kust

het fronsen verleerd




mevrouw ik doe nog geen vlieg

May 27th, 2008

wel trilt er een vleugel in m’n blad

en scheept mij op met sediment

en rudiment waar ik dacht slangen

bij kleefstruik en vleeseet zweer ik nochtans

iets als met dood achter glas terwijl

het stiekem toch levend en nergens

op mars of elders te vinden was ha

maar echt ik zwachtel de scherven spalk

al uw ogen gebroken tot waar de eivolle einder

waar hoorden we dat in een spat een spatel en specht

ieders recht zet en spreekt van de vlieg en zijn heinde

maar wel onder uw nacht en uw huid

en van geen kwalaken één luit




Ors Vibranter Wurld

May 22nd, 2008

picture-19.jpg

Pre read / view: burgerwaanzin.nl, starting @ 30 May 2008, late in the evening.

“A postnouncial utterance, or the lack of belief systems”, written in 317/29 parts.

Excerpt: part v , words 78 - 91

Broken dreams in a carpark

tell a different story,

these projections keep appearing

again and again.

 

The hotel at the center’s

real park of my town,

projected my car outwards,

to my room at the celing and the walls.




ken wil niet (in’t groen)

May 19th, 2008

ken being sucked into a black hole




Blauwput

May 16th, 2008

blauwput.jpg

Kerk van Blauwput met de St. Jozefschool
(zeldzame prentkaart van Kessel-Lo gekocht op de rommelmarkt van de 40ste Kesselse Feesten afgelopen weekend)