STARTER          REDUX        ARCHIEF (NL)         International BLOG        NL LOG       SHOP               monADs
Annotating H.P. Lovecraft

"De citaten die nauwelijks leesbaar
tussen de weerzingwekkende verzen
waren aangebracht, bleken uit een duivelse roman te komen
die niet eens geschreven was, op het ogenblik dat de citaten eruit
in de bestanden werden aangebracht! "

 

The Whisperer in Darkness

[lees het Lovecraft verhaal]

1.

Met de zomerkriebels in de blouse
waarin wriemelen de geile vingersstralen,
de gebundelde glans der puilende kopersogen,
& met een koel briesje kabbeltaal
op het gezapige walmkanaal
& in het lege onderaan de leegte glanzend & leeg
in het warme amber van uw erbarmen: kom &

hap (hap (hap)) deze winkelhaak,
waaraan wij ons gewillig hebben gehangen
te wormspartelen. Volkomen zijn wij
plug and play. Geheel wij draaien
tot in de diepste vezel met uw uitgekookte
dralen mee. Wij verwitten helemaal. Ziet!

Hierboven op het spreekgestoelte : (wijst)

  • kronkelen onze uitgerukte tongen
  • liggen de handen 1 & 2 naar behoren uitgehold
  • is het hoofd op ooghoogte opschroefbaar

 

2.

Wij staan altijd klaar voor u.
Wij maken dat u komt.
Wij zijn prima materie.
Wij zijn makkelijk reinigbaar.

Wij zijn nu ook mobiel.
Wij trillen met uw zinnen mee
in geinig gsm-formaat.

Verwacht van anderen kabaal:
onze honden zijn stil &
onze honden blijven ook stil.

Geurhinder is ons vreemd:
het vlees is bevroren &
het vlees blijft ook bevroren
(er is geen hond meer die het vlees nog eten wil).

Vrees geen achterklap of leugen:
onze gedachten zijn voorzien
van nette knopjes af & op
& de meeste onzer knopjes

blijven default staan op af.

 

 

3.

Maak ons deelgenoot van uw gemis
in deze diepe zee van duisternis.
Wij schrijven enkel wat u denkt.
Door ons gaat er geen druppel u
verloren. U komt helemaal terecht.

Elke uitgang is perfect met u verbonden.
Ons product loopt zuiver & veilig
van de darmen uit in alle monden.

 

 

 

"Enkele maanden later was het aantal déjà vu's per seconde
voor de meesten onleefbaar geworden."

The Colour Out of Space

[lees het Lovecraft verhaal]

1.


Ik schrijf dit neer in de hoop
dat niemand het leest: de dood
is geen ding, we geraken er nooit
uit, laat staan in. Solfer knettert

waar haar tong zich in
de bodem krult. Haar zoen
dringt door, vogels zetten
het verlangen vast & door

d.m.v. hun vleugelslag. Angst heerst.
Haar dodelijke ritme is al snel de polslag
van de tijd, de faze dicteert de nodeloos
herhaalde berekening, de berekening
versterkt de faze. Keer op keer zien we beter
hoe het klopt. Zij is waarlijk onze enige god.

Ik opende haar weefsel bij een volle maan.
Haar lijf verettert met de letters van ons lot.
'Dit goddelijke wijf moet bloeden', riep ik,
'of het leven strandt in pijn & stinkend rot.'

De heren hinnikten & propten voldaan
de vleugels van het paard in hun kot.
In de wouden daarboven steekt zij
onverminderd door van tra naar tra.

De geluiden daarbij van het slijm
dat zuigt aan het slijm, de walging erom
kolkt in je brein als een levend venijn.
Je wacht op iets nieuws elke komende dag
maar in haar rijk is de Tijd altijd voorbij &
eeuwig schittert er dat dode, dodelijke Zijn.
.


 

2.


Zij nestelt in de knol, oude watergruwel
groeit er uit heur loden haar, wie haar ziet,
ziet koprot, klauwrot, hartrot & pest.
Wie haar kent, is nog het best af dood.

Wat bij dwazen toeval heet, heeft toch
causaal verband: de grijze barst
in het duister trekt het grijs verder
in het duister & alles wat wij zien

zinkt in een Niets van éénzelfde tint.
We hebben prijs. De scheur in de huid
van het echte is echt niet een fout,
gebrek verbindt de bloei met terreur.

De wereld is onaf & van haar ene stof
een weelderig slingerend lint in de leegte.
Zij is het mooist waar angst, verderf
& de walg om het ware gevaarte begint.

In de ijzige stilte van mijn doodse
kamers schuurt een laatste engel
zich de wanden langs: het haar is goud
& krult langs okerhuid tot waar het

in de kuiltjes van de schouders schoonheid
in een oude spanning houdt. Het snikt &
neuzelt 'liefde ik was' voor het zich de pennen
rukt & aan mijn voeten smeekt om sneller gas.
Ik heb dat niet, ik ben niet langer wie ik was.


 

3.

In de put onder water
vertakken de algen
in een verre, zwevende wildgroei.

De ruimte daaronder
lonkt met duizenden
koele spelonken. Wormen kronkelen.

Het woord fonkelt in bewogen breinen,
restlicht pijn reconstrueren we met glans:
wanhoop ebt tot golven innig samenzijn.

Je rukt & de algen druipen
als slijk op je arm. Het hele ding
was water, al het vlees druipt rot er in.

De aarde is ziek. Onmachtig wij
woekeren verder & 's nachts
amechtig wij liggen te woelen. Ziek.

Stil. Voel. Wat daar beweegt in je bed,
dat is haar reddende hand, tastend
naar je in het slijk opgeschoten wortel.

Als een woeste horzel in je haar
slaat nu de angst je hersens in.
Er wacht je enkel nog het einde,

de grote, lege openbaring, niets
waarin je iets wil schrijven in de hoop
dat iemand het ooit nog lezen wil.

 

 

"Al vlug bleek dat de verkleuringen niet het gevolg waren van extern
opgelopen verwondingen, maar dat het een sporadische uitslaan betrof
uit de opperhuid van een geheel intern verrottingsproces"

The Call of Ctulhu

[lees het Lovecraft verhaal]

 


1.

Zwarte lucht boeit & het duister rendeert.
De stromen lopen, de bevelen donderen.
Ik geef geen krimp, het is een ruim eronder.
Ik morstte even dat ik leed & barst:
de seconden tikken zich dik, want
de tijd vreet de tijd als de staart
door de mond naar binnen glijdt.

Mijn lichaam trilt. Ik fulmineer. Ik strijk
de wolken bij hun voornaam aan & zie:
de wolken storten mij hun volle zin.
Zij kennen mij van hoe ik
telkens weer in u begin.

Hoge vogels vallen ons met hun zingen in & zetten mij
hun veren te waaien & oogverblindend u hun kleuren bij.
Maar uw lach verduurt want de letters zweren
enkel leugens uit de diepe klanken van uw naam.

 

Het nieuwe denken klinkt al heel voornaam.
Het huis is stil, de buren knikken ‘dag’ & ‘toen’
& ‘aangenaam’. De kamers lucht die ik dapper
met mijn handgebaren maak, verdorren muf
& geuren naar een toekomst vol verdriet & haat.

Ik schrijf u af, u roept mij weder op, maar wacht:
uw lichaam is te zacht, ik breek uw stem er beter af.
U bloedt dan leeg in schittering, duistere klanken
glanzen uit de inlegoortjes als satijn in een open kist.
Ik daver voluit met de aarde mee: “het licht”,
brul ik, “het licht valt dadelijk de wereld in!”.

Volgens mijn geschriften connecteer ik
om 18:04:28 C.E.T. met het Ding. Het grind
knarsetandt waar ik het graf binnendring.


2.

De wind roert mij om
& schepen klieven mij :
ik dein op de zee. De maan
is een mond, ik droop

haar lippen langs
van verre sterren
tot ik in hun hoofden
sissend heet verzonk.

Donker klokt het waar ik
in de aarde slonk. Mijn tekst
rispt zuur op & gal in het gat
waar net uw lichaam stond.

 

 

 

 

 

 

 

 

dit is wel een mooi lief klein kadertje
 

tip: in augustus 2008 is er in het Leuvense een groots
Klebnikov Karnaval waar ongetwijfeld ook
SPOREN VAN DE OUTERWORLD
waar te nemen  zullen zijn.

Misschien.

 

statistics - comments - references on/to this file

Uw IP-nummer / your IP number= 38.107.191.93 (this number is only shown to you, but be advised that your ip-number is always stored somewhere whenever you request a file on any server)

Totaal aantal bestandsopvragingen sinds 30 juni 2008 13u38: 63 [zie toelichting]

Laatste bestandsopvragingen (<512, not counting dv's access from 'is 'oem)
Pag Dat User
{pag} {dat} {user}
bestand van de laatste bestandsopvragingen: http://www.vilt.net/nkdee/data/pageviews_lovecraft.xml

 

 

 

 

 

 

Creative Commons License
Op dit werk is een Creative Commons Licentie van toepassing.

63